
Begin deze maand kreeg Walter Michiels de diagnose dat hij een ongeneeslijke hersentumor had. In overleg met zijn naasten besloot hij zijn lijden niet te rekken. Hij overleed donderdag in het AZ Turnhout na euthanasie. Dat schrijft ‘De Standaard’.
Michiels werd bekend als Pico Coppens, spits in ‘F.C. De Kampioenen’. Hij speelde vier seizoenen – tot 1993 – in de populaire VRT-reeks aan de zijde van Ann Tuts, die de rol van Doortje vertolkte. Aanvankelijk leek de wereld aan zijn voeten te liggen. Het duo Pico en Doortje was zowel op het scherm als in het echte leven onafscheidelijk. Maar de roem bleek een zware last voor Walter.
De breuk met de reeks waarin hij groot werd, kwam er na een incident waarbij hij “serieus boven zijn theewater” weigerde mee te werken aan een repetitie. Marijn Devalck, die de rol van Balthasar Boma speelde, wees hem erop dat hij zijn teksten moest debiteren of naar buiten moest gaan. Michiels vertrok en keerde nooit meer terug. Het was de laatste keer dat de twee elkaar zagen.
Johny Voners, de in 2020 overleden acteur achter Xavier Waterslaeghers, probeerde nog eindeloos op hem in te praten, maar tevergeefs. Walter was, in de woorden van Devalck, “een vogel voor de kat”. “Vooral Johny heeft ontzettend vaak met hem gepraat, maar het zette geen zoden aan de dijk. Sterker nog: Walter buitte dat uit en profiteerde van Johny”, vertelde Devalck ook al eerder.
Na zijn ontslag en de breuk met Ann Tuts gleed Michiels steeds verder af. De krantenkoppen over zijn acteerprestaties maakten plaats voor berichten over zijn leven in de bossen van Kessel-Lo, zijn aanvaringen met de politie en zijn gedwongen opnames.
De laatste jaren van zijn leven waren getekend door internering en een schrijnend gebrek aan passende opvang in de psychiatrie, waardoor hij zijn dagen noodgedwongen sleet achter de muren van de gevangenissen in Leuven en Merksplas.
Zijn zus Marianne Michiels plaatst een emotioneel eerbetoon op Facebook. “Walter heeft een bewogen leven gekend. Geboren in Turnhout op 6 juli 1963 was hij het derde van vier kinderen in het gezin van de bevlogen lokale politicus Jan Michiels, oprichter van de eerste groene partij in België, en Paula Cornelissen. De drukke sociale agenda van de ouders bepaalde het leven in huis, de kinderen leidden al jong een vrij en onafhankelijk bestaan.”
“Van kleine deugniet evolueerde Walter naar een vrolijke schavuit, onder vrienden altijd het middelpunt van de belangstelling, met vele talenten. Tekenen en schilderen, schrijven en verzamelen. En uiteraard acteren, iets wat hij van nature kon en deed, zeker als de omstandigheden erom vroegen. De schelm die hij was ging ook toen al vaak over de schreef maar Walter wist zich er meestal handig uit te praten en mensen op zijn hand te krijgen. Wat hij ook uitstak, zowat iedereen was het erover eens dat hij een heel bijzondere figuur was, en die geef je als vanzelf wat meer speling.”
Ware steun en toeverlaat
“Begin april 2026 kreeg Walter de diagnose van een ongeneeslijke en snel uitdijende hersentumor. In overleg met de medische staf besloot hij om euthanasie aan te vragen, waardoor hij de dag voor het definitieve afscheid uiteindelijk (theoretisch ‘voorlopig’) als een vrij man naar het ziekenhuis in Turnhout kon verhuizen. Omringd door familie werd zijn laatste wens daar op 30 april om half negen ’s morgens ingewilligd.”
“De familie wenst nadrukkelijk dokter Van Hollebeke van de gevangenis in Merksplas te bedanken. Hij heeft zich voor Walter in de laatste weken een ware steun en toeverlaat getoond, en alles in het werk gesteld om de euthanasie mogelijk te maken.”
Het leven van Walter Michiels was een aaneenschakeling van gemiste kansen en uitgestoken handen die hij niet kon of wilde grijpen. Maar toch eindigde zijn leven niet zo. Aan zijn ziektebed in het AZ Turnhout, vond een laatste verzoening plaats. Hij kon “de zoon die hij nooit had zien opgroeien nog eenmaal vasthouden”, laat zijn zus weten.